line decor
   Laatst geupdate Tuesday 20-Nov-2007 21:52
line decor
 
 
 
 


Arie is in de jaren 70 begonnen met het houden van vogels. In het begin had hij strogele kleurkanaries en later is hij postuur gaan houden waaronder norwich, borders, cresten en glosters. Ook heeft hij in zijn jeugd duiven gehouden. Na zijn trouwen werd het te duur om weer met duiven te beginnen en heeft hij wat vogels gekocht voor in een volière.

Nu heeft hij geen norwich, borders of cresten meer. Arie heeft zich totaal gericht op het houden van glosters. Dit is het vogeltje waarop hij na het zien van enkele exemplaren op een show in Ochten van Jan v. Kuilenburg, verliefd werd. Hij heeft toen gelijk een paar koppels aangeschaft. Nu heeft hij bijna alle kleurslagen: groene, bruine, gele en witte en alle bonten hiervan.

Zijn vogels zijn gehuisvest in een ruimte van 7 x 3 meter. Aan de lange kant staan 65 broedkooien van 50 cm lang, 35 cm hoog en 40 cm diep. Deze kooien kunnen worden vergroot door er een schuif tussenuit te halen. Hierdoor ontstaan kooien van 1 meter lengte waar de jongen inkomen om te trainen.  

Aan de andere kant staat een keukenblok van 2.20 meter lang met daarnaast een kachel om het hok in de winter warm te houden. Aan het eind daarvan staat een vluchtkooi van 2 meter lang die onderverdeeld is in 5 lagen van ieder 2 meter lang , 40 cm hoog en 50 cm diep.

De kweekkoppels worden samengesteld vanuit zijn kweekboek. Hij kijkt naar afkomst en of er intensief in de lijn is gekweekt. Dat moet volgens hem 1 keer in de 4 jaar tijd voor het behoud van een strakke bevedering. Verder kijkt Arie naar de grootte en de de verhoudingen onderling. Wat de een tekort komt probeert hij aan te vullen met wat de partner teveel heeft. “Het gaat immers om de balans te vinden die je nodig hebt om een goede gloster op stok te krijgen” volgens Arie. Om de bevedering wat zachter te krijgen gebruikt hij ook bruine glosters.

Zijn vogels krijgen het hele jaar door Witte Molen postuurzaad. Als opfokvoer gebruikt hij Cede. Dit alles zonder speciale toevoegingen. In de ruiperiode krijgen de vogels om de andere dag eivoer met 2 hardgekookte eieren erin en een hand gekookte rijst. Een maal in de week krijgen ze wat vitamine in het drinkwater. Op de bodem van kweekkooien en vluchten ligt schelpenzand als bedekker.

Het broedrijp maken van de vogels doet hij door de lichtinstallatie van 10 uur licht op te voeren naar 16 uur licht per dag. Hier begint hij 6 weken voor de kweek mee en gelijktijdig voert hij de verwarming op naar de 20 graden.

Arie past wisselbroed toe en gebruikt soms wel een man op 3 of 4 poppen. Als de jongen het nest verlaten hebben en zelf al wat eten, gaan ze in een vluchtkooi met een goed voerende man erbij. Hij geeft ze dan voldoende eivoer en een schijfje appel erbij. Dat lusten ze altijd wel. Hij geeft ook vaak badwater omdat ze daar veel behoefte aan hebben. Het verenpikken weet hij te voorkomen door de vogels ruim te huisvesten en met wat touwtjes aan de tralies. Hier spelen ze mee. Door wat coladoppen in de vluchten te leggen zijn de vogels met andere dingen dan elkaars veren bezig.

Ondanks het feit dat Arie een mooie site over glosters heeft (http://www.avdkliftglostersite.eu) gebruikt hij niet een computerprogramma, maar houdt hij zijn kweekadministratie lekker ouderwets degelijk bij in een kweekschrift.  

Selectie van kweekvogels vindt vaak al plaats als de jongen op de rand van het nest zitten. De eerste uitschieters worden dan genoteerd en die komen bijna zeker weer terug als ze volwassen zijn.

Het trainen richting de tentoonstellingen gebeurt door aan de vluchtkooien tt-kooien te hangen. De vogels die eruit springen kooit Arie wat vaker op. Tentoonstellingskooien met deze vogels worden wat vaker opgepakt en er wordt mee heen en weer gelopen en op een andere plaats gezet om de vogel eens goed te bekijken.

Hij is lid van de Nederlandse Bond van Vogelliefhebbers, de Algemene Bond, de Postuurclub, de Belgische Bond, de ANPV en de Eerste Nederlandse Gloster Speciaalclub. Tijdens het tentoonstellingsseizoen bezoekt hij met zijn glosters de jongdierendagen zoals van de ANPV, Elst en Zuid-Holland. Verder doet hij mee in Den Haag, de Glosterdag in Elst, de Glosterdag in Hoofddorp, de Kempentrofee in België en de Kerstshow in Elst.

Een leuke ervaring had hij een keer op de show in Veenendaal. Hij had toen twee koppels Norwich waar hij vijf vogels van had gekweekt. Er was maar een vogel die aan zijn eisen voldeed en die stuurde hij ook in. Tot zijn verbazing werd deze vogel kampioen en de mooiste vogel van de show!!

Ondanks het feit dat hij soms wel eens wakker ligt van de tentoonstellingen in Hoofddorp (“Dit zijn voor mij topdagen, daar lig ik wel eens wakker van”) beleeft Arie veel plezier aan zijn vogelhobby. Met name het kweekseizoen vindt hij elk jaar weer een belevenis. Minder leuk aan onze hobby vindt hij de prijs die sommigen op dit moment voor een vogel vragen: “Die prijzen rijzen de pan uit….”.

Over het clubblad is hij van mening dat dit vroeger beter was. Het zat beter in elkaar en de verhalen en foto’s waren beter. Over de ENGS is hij lovend: “De Engelse club brengt de top bij elkaar. Het onderlinge contact is er heel goed. De Engelse veiling heeft al heel wat liefhebbers dichter bij de top gebracht. De keuring vind ik perfect en de vogels zijn maar een dag van huis. Jongens: bedankt!"