line decor
   Laatst geupdate Tuesday 20-Nov-2007 22:22
line decor
 
 
 
 


Gerrit is zo’n 20 jaar geleden begonnen met het houden van tropische vogels in een dicht begroeide volière. Hierin vlogen o.a. Californische kuifkardinaaltjes, nachtegalen en diamantduifjes. Over de grond scharrelden wat Chinese dwergkwartels. Een paar jaar later kocht hij zijn eerste gloster en norwich. Deze laatste postuurvogel heeft hij enkele jaren gehad. Hij had goede kweekresultaten ermee. In die tijd werkte zijn vrouw Christina wat dichter bij huis, waardoor zij overdag de jongen van de norwich de eerste twee dagen bij kon spuiten. De jongen kregen daardoor meer kracht om de pop omhoog te drukken zodat die goed begon te voeren. Toen de norwich weg waren is hij met borders begonnen.  

Gerrit is lid van de vogelvereniging in Joure, de ENGS, de ANPV, de Belgische postuurclub en de Postuurkanarie. Op dit moment heeft hij alleen nog borders en glosters. De laatste spreekt hem aan omdat het een mooi lief vogeltje is. Hij is een echte “kuiven-man”. Een mooie kuif op een gloster spreekt hem heel erg aan. Over het algemeen heeft hij groene glosters. Hier en daar vliegt een blauwe en een intensieve vogel in zijn hok.

Hij kweekt met ongeveer 25 koppels glosters en 12 koppels borders. Een enkele keer past hij wisselbroed toe. Liever kweekt hij echter koppelsgewijs. Het hok waarin gekweekt wordt is van hout. Het is 5 meter breed en 4 meter lang met een puntdak incl. zolder waarop al het vogelmateriaal opgeslagen kan worden. Tevens heeft hij de beschikking over een aanrecht en stromend water.

De gehele ruimte is betegeld en daardoor makkelijk schoon te maken. Op de vloer liggen plavuizen. De broedkooien staan in L- vorm. Deze staan 3 hoog en daaronder zijn vluchtjes gemaakt. Het hok wordt verwarmd door een gaskachel. Tijdens de kweekperiode staat deze op 17/18 graden. In een zijwand hangt een ventilator die om het  kwartier een kwartier wordt ingeschakeld.

Achter in de tuin staat nog een hok van 4 meter breed, 2 meter lang en 2 meter hoog van steen en damwandprofiel. De voorkant hiervan is helemaal open. Hier komen de oude vogels in na de broedperiode. Het licht wordt door een te programmeren klok bestuurd.

Bij de samenstelling van de kweekkoppels let Gerrit op de kleur en de bevedering. “Je probeert de koppels zo samen te stellen dat de ene vogel de ander aanvult qua type. Bepalend voor een gloster zijn naast de ideale vorm, de kleur en de bevedering. Voor de samenstelling van de koppel maakt het me niet uit of de man dan wel de pop een kuif heeft.”

Voor het kweekseizoen zet Gerrit de mannen eerst in de broedkooien omdat zij meer licht nodig hebben. De poppen zitten dan onder in de vluchten. In januari wordt de klok ingesteld. Eind februari moet het 15 uur licht zijn in de kweekruimte . Uitgeteld wordt hoeveel dagen dat is vanaf begin januari. Zitten er bijv. 45 dagen tussen, dan berekent de klok met hoeveel minuten per dag het licht verlengd moet worden. Als de pop echt klaar is om te gaan kweken, wordt ze bij de man gezet.

Gerrit gebruikt voor zijn vogels zowel Teurlings postuurzaad als Teurlings conditiezaad. Het eivoer is van Orlux. In de kweekperiode doet hij kiemzaad en geraspte wortel door het eivoer. Tevens gebruikt hij een probiotica en een darmconditioner (biodigest van Orlux). In de rustperiode (als de vogels door de rui zijn) krijgen ze 3x per week eivoer zonder kiemzaad. Hij maakt het rul met couscous. Als groenvoer krijgen de vogels: broccoli, andijvie, witlof en appel. Uit de natuur komen de paardebloemen, hondemuur, graszaden en zuring.

Als bodembedekker worden houtkrullen gebruikt. Dat bevalt prima. Het gaat minder snel schimmelen en stinken dan bijv. zand omdat de vogels elke week badwater krijgen. Voordat het bad aan de kooi wordt gehangen worden eerst alle zitstokjes schoongemaakt en worden de “vuile” houtkrullen verwijderd. Hierop komen schone houtkrullen of alles wordt vervangen. Houtkrullen geven ook het voordeel dat als er met de broed eens een jong uit het nest valt,  hij/zij niet in het zand ligt te happen. Het  vogeltje koelt ook minder snel af.

Gerrit houdt zijn kweekadministratie bij in een mooi ingebonden kweekboek. Dit heeft hij van een collegakweker: Toon Tielen. “Het kweekboek heb je altijd bij de hand, je hoeft het niet eerst op te starten zoals een computer”.

Het veren pikken voorkomt hij door in alle vluchten touwtjes te hangen, waaraan de vogels kunnen trekken. Ook spant hij een touwtje door de vlucht waarop de vogels kunnen balanceren en daardoor hun teentjes flink moeten samenknijpen om op het touwtje te blijven zitten. Dit is een goede oefening die de ontwikkeling van de pootjes ten goede komt.

Selectie van de vogels begint in de vakantieperiode. Vooral de corona’s komen apart in de broedkooien. Dit om te voorkomen dat de kuiven worden beschadigd. Tevens worden enkele gladkoppen die opvallen apart opgekooid. Er kan dan nog gewisseld worden als een vogel uiteindelijk toch tegenvalt of eerder nog: wanneer er in de vlucht een later jong zit, die er uitgeruid nog beter uitziet.

Toen Gerrit begon met vogels wist hij nog weinig van ongedierte, totdat hij erop geattendeerd werd dat de vogels vedermijt hadden. Alle vogels werden toen ingespoten met Birdspray. “Als je zag hoe de vogels toen over de grond rolden!”

Nu worden de vogels regelmatig met Birdspray ingespoten. Ook worden de kooien regelmatig ingesmeerd. De ene keer met Ocepou en dan weer met U3. Er wordt regelmatig gewisseld van bestrijdingsmiddel, anders bestaat de kans dat het ongedierte immuun wordt. Voor de kweek worden ook de nestbakjes in een bestrijdingsmiddel ondergedompeld. Als aanloop richting het tentoonstellingsseizoen worden de vogels getraind aan de tt-kooi door deze aan de broedkooi te hangen. Met mooi weer worden de vogels in een “open” kooitje besproeid met een bloemspuit en wordt de vogel aan de waslijn (in het kooitje J) opgehangen.

Ook bij redelijk weer worden de vogels even buiten gezet. Dan kunnen ze tevens wennen dat er met de kooi gelopen wordt. Tijdens het tt-seizoen bezoekt Gerrit een redelijk aantal tentoonstellingen met zijn vogels: jongvogeldag van de postuurclub in Aduard, Glosterdag in Elst, TT Aduard, Twentse Glostershow, Glostershow in Hoofddorp, de ANPV in Goirle en de Ned. Kampioenschappen van de Algemene Bond in Zutphen. Best wel een beetje trots is hij met het feit hij op de show van de ANPV 2x gewonnen heeft met een gloster van 93 punten. Ook zijn goud in Zutphen en de prijzen op de Glostershows mogen vermeld worden. Zijn wens is ooit nog eens een keer de beste vogel op de show te hebben in Hoofddorp.

Gerrit is lid van de Engelse Glosterspeciaalclub voor het boekje. Daar staat altijd van alles in. Ook gaat hij elk jaar naar de IGBA show in Nuneaton. Daar tref je de Engelse kwekers en komt ook op hun hok. Daar leer je van alles van. De Engelse mensen zijn heel gastvrij. Op zaterdag van de IGBA-show treffen de Nederlandse kwekers elkaar. Het is dan gezellig kletsen in het hotel met de Engelse kwekers onder het genot van .………………….. (een glaasje melk Gerrit? <> redactie).

De tentoonstelling van de ENGS vindt hij prima georganiseerd. Hij is toch een voorstander van eendagsshows. Tevens is hij voorstander van een rookverbod bij de vogels. Het nieuwe clubblad vindt hij perfect!

Als laatste nog een ervaring met een gloster. “Het ging om een pop die al op eieren zat. Ze moest nog 2-3 dagen voordat de eieren uitkwamen broeden. Ze was met haar pootje ergens achter blijven haken. Dus dat pootje hing er haast af. De schaar gepakt en het pootje eraf geknipt. Het begon hevig te bloeden en er jodium op gedaan. De pop werd voorzichtig weer in de kooi gezet, met de gedachte van we laten haar maar even met rust, dan kijken we straks wel hoe het gaat. Wat later zijn we gaan kijken en tot onze verbazing zat ze weer rustig op haar eieren. Een paar dagen later zijn de eieren uitgekomen, ze kon zichzelf prima redden met haar stompie!”